Wapenvergunningen Den Haag

no image

2011-04-2011


Download PDF

1. Kan het college om te beginnen ons vertellen hoe de procedure voor het aanvragen van een wapenvergunning verloopt? Waar moet een persoon aan voldoen en wat zijn de specifieke eisen om in aanmerking te komen voor een wapenvergunning?

De bepalingen rond wapens die in Nederland wel of niet zijn toegestaan en de wijze waarop verloven voor het bezit van legale wapens worden toegekend, zijn opgenomen in de Wet Wapens en Munitie. In deze wet wordt er ten aanzien van de verschillende wapens een onderscheid gemaakt in een aantal categorieën. Categorie III betreft de wapens waarvan ongecontroleerd bezit ongewenst is maar waarvoor wel een vergunning kan worden verkregen, zoals wapens voor jagers, sportschutters en verzamelaars. De bevoegdheid voor het geven van een verlof tot het voorhanden hebben van een wapen en munitie uit categorie III is (op grond van artikel 28 van de Wwm) belegd bij de korpschef.

De aanvraag wordt ingediend bij de korpschef die is aangesteld in de woon- of de verblijfplaats van de aanvrager, en door de korpschef verleend indien:

  • a. een redelijk belang de verlening van het verlof vordert;
  • b. de aanvrager geen gevaar voor zichzelf, de openbare orde of veiligheid kan vormen;
  • c. de aanvrager tenminste de leeftijd van achttien jaren heeft bereikt, behoudens afwijking voor leden van een schietvereniging.

Alvorens een persoon een verlof kan krijgen moet, onverminderd de hierboven vermelde vereisten, worden voldaan aan de voorwaarden omschreven in 2.4 van de Circulaire wapens en munitie 2005/Bijzonder Deel (B).

Een aantal in het oog springende voorwaarden in dit kader:

  • a. de aanvrager dient lid te zijn van een in Nederland gevestigde, bij de Koninklijke Nederlandse Schutters Associatie (KNSA) aangesloten schietvereniging én in het bezit te zijn van een geldige op zijn naam gestelde KNSA licentie;
  • b. de aanvrager dient de 12 maanden voorafgaand aan de aanvraag lid te zijn geweest van een bij de KNSA aangesloten schietvereniging;
  • c. met het vuurwapen waarop de aanvraag betrekking heeft, zal een door de KNSA erkende tak van schietsport worden bedreven. Hierbij wordt uitgegaan van de verklaring van het bestuur van de schietvereniging;
  • d. de aanvrager dient in de 12 maanden voorafgaand aan de aanvraag tenminste 18 schietbeurten te hebben verricht;
  • e. houders van een verlof mogen, behoudens bepaalde uitzonderingen, ten hoogste vijf wapens voorhanden hebben;
  • f. gedurende het eerste verlofjaar geldt het verlof voor niet meer dan één vuurwapen;
  • g. voorafgaand aan de afgifte van het eerste verlof wordt een bezoek gebracht aan de locatie waar het wapen en/of de munitie opgeslagen zal gaan worden, om te controleren op de aanvrager beschikt over een opbergplaats die voldoet aan de gestelde eisen.

De behandeling van de hierboven vermelde aanvragen, alsmede alle daaruit voortvloeiende werkzaamheden, zijn binnen Haaglanden door de korpschef gemandateerd aan de bureauchef van het Bureau Bestuurlijke Politiezorg en Milieu (BPM).

2. Hoe ziet een screeningsprocedure voor schietvereniging eruit bij het aannemen van leden voor de schietvereniging? Waar letten zij op bij het aannemen van personen die schietlessen willen nemen en eventueel voor een wapenvergunning gaan?

Wettelijk is bepaald dat een introducé maximaal drie maal bij een schietvereniging mag komen schieten binnen een periode van 12 maanden. Gebruikelijk is bij schietverenigingen dat nieuwe aspirant-leden eerst één of twee keer als introducé van een lid van de vereniging komen schieten. Daarna wordt de betrokken persoon gevraagd lid te worden van de schietvereniging en moet hij lid worden van de KNSA. In zijn algemeenheid geldt dat, alvorens men lid kan worden van de KNSA, men eerst een “verklaring omtrent gedrag” moet overleggen. Gedurende het eerste jaar van het lidmaatschap van de schietvereniging wordt bekeken hoe het lid zich op en buiten de schietbaan gedraagt, hoe hij omgaat met wapens en dergelijke. Het nieuwe lid maakt in het eerste jaar nog gebruik van verenigingswapens. Na dit jaar kan iemand zelf een verlof aanvragen voor één of meer wapens (het eerste jaar van het verlof slechts één), maar daartoe zal de vereniging wel een verklaring moeten afgeven.

3. Kan het college ons vertellen of er sprake is van een herkeuring van de wapenvergunning en om de hoeveel tijd vindt er een herkeuring plaats?

Een verlof voor één of meer wapens wordt telkens voor één jaar gegeven. Bij het aanvragen van een verlof voor het voorhanden hebben van één of meer wapens, maar ook bij de jaarlijkse verlenging en bij bijschrijvingen, verhuizingen e.d., worden verlofhouders door het bureau BPM gescreend. Er kunnen conform de Wet Wapens en Munitie diverse redenen zijn om (verlenging van) een verlof te weigeren:

  • a. er is reden of er zijn aanwijzingen om te vrezen dat aan de aanvrager het onder zich hebben van wapens of munitie niet (langer) kan worden toevertrouwd;
  • b. er is reden om te vrezen dat daarvan (= het verlof) dan wel van wapens of munitie misbruik zal worden gemaakt of is gemaakt;
  • c. wanneer daartoe dringende, aan het algemeen belang ontleende, redenen bestaan;
  • d. verstrekken onjuiste gegevens;
  • e. niet in acht nemen van de beperkingen en/of voorschriften.

In de praktijk worden bij de screening diverse politiesystemen op mutaties rond de aanvrager bevraagd. Ten tijde van de (hernieuwde) aanvraag wordt bezien of sprake is van eventuele veroordelingen en/of andere rechterlijke uitspraken of nadere omtrent de aanvrager bekende feiten. Dit geldt ook voor de bekende feiten over de psychische gesteldheid van een aanvrager, voor zover bekend bij de politie. Afhankelijk van de ernst van eventuele feiten kan de periode die in de beoordeling wordt betrokken vier of acht jaar bedragen. De aanvrager kan tegen de beslissing van de korpschef in beroep gaan bij de Minister van Veiligheid en Justitie.

Sinds kort worden in Haaglanden de politiesystemen dagelijks geautomatiseerd geraadpleegd, om te bezien of verlofhouders/aanvragers (op grond van mutaties) in enige regio (dus ook elders in het land) voorkomen, zodat ook direct actie kan worden ondernomen indien dat noodzakelijk is. Zo kan bijvoorbeeld worden geacteerd op signalen van politiefunctionarissen wanneer huiselijk geweld wordt geconstateerd, bij gezinsproblemen en/of bij drank- en/of drugsmisbruik. Informatie m.b.t. tot psychische problemen kan alleen gebruikt worden bij de beoordeling, voor zover van een incident een mutatie in de politiesystemen is opgemaakt. De politie heeft geen inzage in andere medische informatie.

4. Hoeveel personen in Den Haag bezitten een wapenvergunning en een vuurwapen?

Op 1 januari 2011 waren binnen Den Haag 764 verlofhouders voor een wapen geregistreerd en hadden daarnaast 181 personen een jachtakte.

5. Is het weleens voorgekomen dat een schietvereniging in Den Haag een sanctie opgelegd heeft gekregen voor het niet (goed) nakomen van regel- en wetgeving bedoeld voor schietverenigingen?

De politie heeft in de afgelopen jaren in voorkomende gevallen een waarschuwing gegeven aan een schietvereniging, indien bijvoorbeeld bij een controle werd geconstateerd dat niet werd voldaan aan de voorwaarden en voorschriften. Dergelijke waarschuwingen worden dan gegeven aan de verantwoordelijke wapenbeheerders en/of bestuurders van de vereniging. Tot op heden is het niet nodig geweest na een waarschuwing verdere maatregelen te nemen, omdat in het rechtzetten van de geconstateerde gebreken werd voorzien.

6. Hoeveel personen met een wapenvergunning hebben een strafbaar feit gepleegd de afgelopen vijf jaren? En is bij deze personen de wapenvergunning ingetrokken?

Tussen 2006 en heden is het naar aanleiding van de jaarlijkse screening of op grond van andere signalen diverse malen voorgekomen, dat verloven en jachtaktes zijn ingetrokken dan wel geweigerd. De registratiesystemen van de politie geven geen uitputtend overzicht, maar het is bekend dat in de gehele regio Haaglanden in tenminste 19 gevallen het verlof of de jachtakte is ingetrokken. In tenminste 17 gevallen is de verlening of verlenging van het verlof of de jachtakte geweigerd. De intrekking- en weigeringgronden zijn divers. Er kan sprake zijn van strafbare feiten en/of het zich niet houden aan voorwaarden en/of voorschriften. Maar er kunnen ook andere omstandigheden zijn geweest op basis waarvan gesteld kan worden dat er vrees is voor misbruik en/of het niet (langer) kunnen toevertrouwen van wapens en munitie.

Er is in de afgelopen jaren in Haaglanden geen geval bekend van een strafbaar feit dat is gepleegd met behulp van een geregistreerd wapen. Dat zou overigens dan vanzelfsprekend geleid hebben tot het intrekken van die wapenvergunning.

7. Wat is het maximum aantal vuurwapens dat iemand met een wapenvergunning mag bezitten? En wat voor type wapens mag een persoon met wapenvergunning bezitten?

Een verlofhouder mag in principe maximaal vijf vuurwapens op zijn verlof hebben geschreven, een jachtaktehouder maximaal zes. Dat maximum voor verlofhouders geldt niet als zij hebben kunnen aantonen dat meer wapens voor hen onontbeerlijk zijn voor het uitoefenen van de schietsport. Daarvoor is een schriftelijke verklaring benodigd van het bestuur van de KNSA.

Uitzonderingen op de voorwaarden en beperkingen ten aanzien van de maximum aantallen wapens zijn er (ook) voor bestuursleden van schietverenigingen die een verenigingsverlof hebben en verzamelaars. Indien in het geval van een verzamelaar (of bij re-enactment: het naspelen of uitbeelden van historische gebeurtenissen) sprake is van wapens van de Categorie II, is er altijd een ontheffing van de Minister van Veiligheid en Justitie vereist.

Voor automatische wapens wordt nimmer een verlof afgegeven door de politie, met uitzondering van verzamelaars die daartoe expliciet toestemming hebben gekregen van de Dienst Justis (Justitiële uitvoeringsdienst Toetsing, Integriteit en Screening). Overigens is het wel mogelijk om een verlof te krijgen voor een wapen dat oorspronkelijk volautomatisch was, maar dat deels onklaar is gemaakt (waardoor het alleen semi-automatisch werkt). Maar in dat geval geldt dat alleen het verlof wordt afgegeven als sprake is van een door de KNSA erkende schietdiscipline.

8. Kan in het geval van het intrekken van de wapenvergunning, de wapenvergunning tijdelijk worden ingetrokken, of is dit definitief?

Gelet op de termijnen die gelden bij een (hernieuwde) aanvraag voor het mogen terugkijken op rechterlijke uitspraken of anderszins is dit tijdelijk. Zie verder het gestelde in het antwoord op vraag 3.

9. Zijn er gevallen bekend van wapenvergunning bezitters met een strafblad of een psychiatrisch verleden zoals met de dader in Alphen a/d Rijn?

De bepalingen (in de Wet Wapens en Munitie en de Circulaire) zoals genoemd in de antwoorden op de vragen 2 en 3 zijn leidend voor de politie als het gaat om het weigeren of intrekken van vergunningen. Zie ook het antwoord op vraag 6.

10. Kan het college ons vertellen hoeveel gevallen er bekend zijn van illegaal wapenbezit in Den Haag? Graag de cijfers die bekend zijn over de afgelopen vijf jaar.

Binnen de regio Haaglanden zijn van 2006 tot en met 2010 3.990 illegale wapens in beslag genomen, waarvan tenminste 628 vuurwapens uit Categorie III. Er wordt echter niet in alle gevallen tot vervolging overgegaan, omdat het bijvoorbeeld kan gaan om situaties waarbij mensen de betreffende wapens hebben aangetroffen in de inboedel van overleden personen.


Aantrekkelijke parkeertarieven in winkelgebieden

Verkeersklachten gezocht! >> Meer spotprenten

Schriftelijke vragen & moties

>> Meer schriftelijke vragen
>> Meer moties

Agenda

  • Geen gebeurtenissen

Nieuwsbrief

Foto's

Volg ons op: